zaterdag 7 februari 2015

Verhalen op straat

Ik zit in een restaurantje te genieten van het uitzicht, ik kan vanuit het raam precies op straat kijken. Aan de straat zelf is niet zoveel bijzonders, aan de mensen die eroverheen flaneren daarentegen wel.
Mijn ogen gaan van een meneer in een nette jas naar een groepje meisjes met tassen van verschillende winkelketens. Terwijl ik deze mensen bekijk neem ik nog een slokje van mijn cappuccino, mensen zijn zo onwijs interessant.

Iedereen die langs loopt is in het bezit van zijn of haar eigen verhaal. Het begint er al mee met waar je naartoe loopt, waar je over na denkt en hoe je thuissituatie is. Allemaal gegevens die samen jouw verhaal vormen. Ik ben heel erg nieuwsgierig naar de verhalen van de mensen om me heen.
Ik kijk eens rond in het cafeetje, daar in een fauteuil zit een meisje druk te pennen terwijl ze tussendoor slokjes van haar, door de ober zojuist neergezette, thee drinkt. Ik vraag me af waar ze over schrijft en of ze hier vaker komt. Ik laat mijn blik over alle figuren binnen en buiten het koffiezaakje glijden en stuit hier en daar op verschillende personen die me intrigeren.
Aan bepaalde kenmerken kan je stukjes van iemands verhaal ontrafelen, zoals de manier waarop het meisje in de stoel praat met de ober waaraan je merkt dat ze hier bekend is, het loopje van de man in de nette jas geeft aan dat hij haast heeft en het gelach van de meisjes met de vele tassen laat me weten dat ze vriendinnen zijn of in ieder geval aardig wat plezier met elkaar beleven.
Op deze manier kan ik hier en daar wat stukjes van hun verhalen bij elkaar puzzelen, maar dan moet het leukste gedeelte nog komen.
Vele dingen kan ik niet aflezen van mensen, gezien mijn naam niet Sherlock Holmes is, en worden dus overgelaten aan mijn eigen invullingen.
Terwijl de meneer in de nette jas stevig door beent verzin ik dat hij haast heeft omdat hij anders te laat zal komen bij zijn kersverse verloofde, hij wil graag nog een bloemetje halen voor hij de trein neemt, maar omdat zijn vergadering uitliep bevindt hij zich nu in tijdsnood. Ik zie hem glimlachen en bedenk dat hij misschien wel denkt aan het moment dat ze ja zei op zijn verzoek om met hem te trouwen.
Ik glimlach, vanachter de door de warmte van binnen en de kou van buiten licht beslagen ruit, ik heb namelijk zijn hele leven al in mijn hoofd zitten, terwijl hij mij nog niet eens gezien heeft.

Ik ben een echte liefhebber van verhalen en misschien is dat ook wel d reden waarom ik zo gefascineerd kan raken door mensen, zij zijn de dragers van verhalen.
Ze dragen niet alleen het verhaal van zichzelf, maar ook dat van de mensen uit hun omgeving en de verhalen die hen ter oren zijn gekomen. Het idee dat de wereld gevuld is met verhalen van mensen vind ik prachtig. Geen bibliotheek groot genoeg om ze allemaal in te bewaren, misschien moeten we daarom wel onze oren goed openhouden zodat we er zoveel mogelijk horen.
Terwijl ik nadenk over hoe verhalen en mensen mij fascineren vraag ik me al snel af wat het meisje in het hoekje van het restaurant fascineert, zou het schrijven zijn, gezien ze zo druk aan het pennen is? Ik kijk opnieuw naar buiten op zoek naar de meneer in de nette jas, hoezeer ik ook uitkijk naar het ondertussen bekende gezicht, kan ik hem nergens meer vinden.

Ik neem het hem niet kwalijk, hij moest dan ook een trein halen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen